De bijdrage van Madrid aan Flamenco is altijd erg opmerkelijk geweest.
Madrid heeft zijn artistieke stempel gedrukt. Zo wel in de vorm als in de wereld van Flamenco.
De inbreng van een opvallend aantal artiesten, de meest bijzondere ontplooing qua toneelkunst die men zich maar kan inbeelden én het voeden van het noodzakelijke professionalisme had als gevolg dat er zich een ongeziene creativiteit kon ontwikkelen in theaters, kroegen en op alle mogelijke podia.
Of zo je wil het verheffen en het voeden van een kunstvorm.
In Madrid zijn de artistieke bewegingen kunnen rijpen die uiteindelijk voor het blijvend karakter en de historische waarde van Flamenco hebben gezorgd. Madrid levert een bijzonder belangrijke inbreng voor zowel de “industrie” als voor de Flamencocultuur op zich.
Een cultuur die op gang komt in de 18e eeuw met de Tonadillas en de Sainetes Madrileños (lokaal vaudevilletheater) van Don Ramon de la Cruz waarin reeds aan Flamenco verwante stijlen te horen waren, via de Fandangos de Candil naar het Andalusische populaire theater. Dit alles gelijktijdig met het ontstaan van de Cafe Cantantes.
Na de Opéra Flamenca kwamen ook het folkloretheater en de tablaos die op hun beurt de weg vrijmaakten voor de festivals, concours´,peñas, dansscholen…
José Blas Vega |